Omarm de leerdoelen in de kinderopvang!

Een kinderopvangcurriculum? Of leerdoelen voor kinderen op de kinderopvang? Dat kan toch niet waar zijn? Kinderen moeten toch spelen? Niet in een wereld terechtkomen op te jonge leeftijd waarin het leren voorrang heeft op het spelen. Toch?

Leerdoelen en kinderopvang lijken op het eerste oog niet verenigbaar. Maar wat als we verder inzoomen? De leerdoelen koppelen aan de unieke expertise van de kinderopvang? Hier zetten we van 0-7 de ontwikkeling van het jonge kind centraal en richten we ons bij de 7-13 jarigen op de brede talentontwikkeling. Wat als we dit combineren met de doelen van bijvoorbeeld Marianne Riksen-Walraven en wellicht de drie uitgangspunten van Biesta? Hoe mooi zou het zijn als de kinderopvang naast personificatie en socialisatie haar sector nog meer op de kaart zet door ook daadwerkelijk een bijdrage aan de kwalificatie te bieden? Kinderopvang als ontwikkelplaats en dus niet alleen als arbeidsmarktinstrument.

Kwalificatie en leren zijn geen foute begrippen toch? Leren is een containerbegrip. Spelen is een vorm van leren.

En leren doe door o.a. spelen. Jezelf als persoon ontwikkelen en als sociaal dier samen met anderen trouwens ook. Kinderen ontwikkelen zich de eerste periode van hun leven razendsnel. Denk aan motorische ontwikkeling, taalontwikkeling, sociaal emotionele ontwikkeling en cognitieve ontwikkeling. Onze pedagogisch professionals bieden een rijke omgeving, een mooi dagprogramma en omlijsten deze met passende interactievaardigheden. Ingrediënten voor een optimaal ontwikkelklimaat voor kinderen. Dit gebeurt nu al. Wat als de sector zelf in samenhang met onderwijs nu eens actief meedenkt over de inhoud en doelen in overgang naar en met het onderwijs? Of anders; Mogelijk zelfs deze inhoud medebepalend laat zijn voor het aanbod in de kleuterjaren?

Hoe mooi is het als het aanbod voor kinderen binnen een locatie van opvang en onderwijs (een Kindcentrum) op elkaar aansluit? Geen ‘knips’ in de wereld voor de 0-4 jarigen en de 4-12 jarigen. Geen ‘knips’ in het aanbod tijdens schooltijd en voor- en na schooltijd. Geen kinderen die energie verliezen om die ‘knips’ te handelen. Energie die opgaat aan het aanpassen aan verschillende pedagogische klimaten, teams, vervoersbewegingen ed.
Energie die vooral gaat zitten in hun eigen ontwikkeling. Ontspanning. Plezier.
Kinderen niet rondpompen in een gefragmenteerd systeem, maar één systeem passend rond de ontwikkeling van een kind ontwerpen.

Hoe mooi zou het zijn als er één ministerie is die gaat over opvang en onderwijs, over jeugd van 0-13 (18) jaar?

Er is veel geleerd van 1985: de vorming van de basisschool. En wellicht misvorming van het ‘kleuteronderwijs’. Kleuters moesten zich aanpassen aan de denkbeelden van het onderwijs. Logisch dat die angst er nog bij velen in zit. Maar er is ook hoop. De kinderopvang heeft zich ontwikkeld als een serieuze sector met oog voor de ontwikkelingen van het jonge kind. Onderwijs mag zich in de handen knijpen met zo’n partner die vol- en gelijkwaardig mee kan helpen om het kleuteronderwijs weer te laten zijn wat het moet zijn: een ontwikkelomgeving voor spelend lerende kinderen.

 

Auteur: Jeanette de Jong, bestuurder VNK en Blosse